Toespraak Teeven: ‘Naar een nieuwe beslagvrije voet’

Toespraak | 30-06-2014

Toespraak door staatssecretaris Teeven t.g.v. in ontvangstname pre-advies KBvG: ‘Naar een nieuwe beslagvrije voet: vereenvoudiging in een tweetrapsraket’ Den Haag, WTC, 30 juni 2014.

Dames en Heren,

Dank, heer Wisseborn – John mag ik zeggen; we kennen elkaar al langer – voor dit belangrijke pre-advies, dat ik zojuist in ontvangst heb mogen nemen. De totstandkoming van dit omvangrijke werk is een grote felicitatie waard! Uiteraard aan de leden en het bestuur van de KBvG, maar ook aan alle anderen die bij de totstandkoming van dit pre-advies betrokken waren. `Naar een nieuwe beslagvrije voet: vereenvoudiging in een tweetrapsraket’, luidt de titel. Het doet mij veel deugd dat u er in geslaagd bent dit ingewikkelde onderwerp binnen zo korte tijd niet alleen gedegen te onderzoeken en te beschrijven, maar zelfs met een panklaar wetsontwerp over dit thema te komen. Alle lof daarvoor!

 Het is nog maar een jaar of vijf geleden dat de Commissie-Van der Winkel het evaluatierapport Noblesse Oblige presenteerde. In dat rapport had de commissie nogal wat kritiek op het functioneren van de KBvG. U zou, en nu citeer ik, “het venster op de buitenwereld nog niet echt open [hebben] staan”. Ook zou u, als KBvG, de beroepsgroep beter kunnen profileren en de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de beroepsgroep nog beter kunnen uitdragen. Niet verwonderlijk dat een van de aanbevelingen van commissie dan ook luidde: zoek de dialoog, juist ook in het publieke debat.

Dat was kennelijk niet aan dovemansoren gericht. Uw bestuur, en niet te vergeten een groot aantal betrokken leden, hebben de handschoen opgenomen! De laatste jaren heeft de KBvG zich – als nog relatief jonge, publiekrechtelijke beroepsorganisatie – inderdaad meer en meer gemengd in het publieke debat. En in amper 3 jaar tijd heeft u het voor elkaar gekregen om drie belangrijke pre-adviezen te produceren!

Op 24 juni 2011 mocht ik op het jubileumcongres, ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van uw organisatie het eerste pre-advies in ontvangst nemen: Openbare exploten en ambtelijke publicaties. Dit werk heeft geleid tot een wetsvoorstel tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, dat inmiddels ter behandeling aan de Tweede Kamer is aangeboden. o Het tweede pre-advies liet daarna niet lang op zich wachten. Het beslagverbod roerende zaken herzien zag in november 2012 het daglicht. Dit werk gaf het maatschappelijk debat over dit onderwerp richting. Het is ook uitvoerig besproken in een zogeheten “rondetafel-bijeenkomst” in de Tweede Kamer. Mijn ambtenaren leggen inmiddels de laatste hand aan een wetsvoorstel over dit onderwerp, waarover u in de consultatieronde nog eens uw zegje kunt doen. o En dan vandaag – u hebt de vaart er goed in zitten – al het derde pre-advies: Naar een nieuwe beslagvrije voet: vereenvoudiging in een tweetrapsraket.

 Dit pre-advies raakt aan een belangrijk maatschappelijk debat, dat al enige tijd wordt gevoerd. Niet in de laatste plaats door de gerechtsdeurwaarders zelf, maar ook bijvoorbeeld door de Nationale Ombudsman, de MOgroep / Sociaal Raadslieden, verschillende overheden en uitvoeringsorganisaties en niet te vergeten de politiek. Het doet mij dan ook deugd om vertegenwoordigers van een aantal van die organisaties hier in deze zaal te zien. Over die beslagvrije voet is ook in een aantal rapporten al het nodige geschreven. Ik noem er hier een paar:

– Paritas Passe (in opdracht van de KBvG), – De beslagvrije voet, met voeten getreden (de Nationale Ombudsman), en onlangs nog – Beter ten hele gekeerd (MOgroep/Landelijk overleg sociaal raadslieden). Ook Kamervragen hebben in belangrijke mate bijgedragen aan het maatschappelijk debat over de beslagvrije voet.

U hebt echter niet alleen deelgenomen aan het debat; u bent ook meteen praktisch aan de slag gegaan met de ontwikkeling van een beslagregister. Uiteindelijk is het de bedoeling dat ook andere partijen daarop aansluiten. Het kabinet vindt zo’n Centraal Digitaal Beslagregister een waardevol instrument om een beter inzicht te krijgen in verhaalposities, ter voorkoming van onnodige kosten. Maar ook om een zekere waarborg te bieden – en daar gaat het deze middag tenslotte over – dat de beslagvrije voet wordt gerespecteerd. Maar daarmee zijn we er nog niet. Handhaving van de beslagvrije voet blijft een zorgpunt.

Wat ik ook heel mooi vind: U hebt het voor elkaar gekregen om bij die rondetafelconferentie van eind vorig jaar tal van veldpartijen aan tafel te krijgen! Dat heeft geleid tot een rijke, belangrijke inbreng, afkomstig uit verschillende invalshoeken. Die inbreng heeft vervolgens – samen met de genoemde rapporten, een enquete onder de leden en eigen onderzoek – als input gediend voor dit pre-advies! En daarbij hebt u niet alleen de Nederlandse situatie in ogenschouw genomen, maar ook een kijkje over de grens genomen, in een groot aantal andere landen. Kortom: u hebt de vensters wijd open gezet en daarbij hebt u zich bepaald niet beperkt tot de ramen op de onderste etages. U bent naar de top van de – voorheen wellicht nog iets te veel ivoor bevattende – toren geklommen en hebt tot ver over de schutting gekeken!

Dames en heren, een belangrijk uitgangspunt in een rechtstaat is dat burgers en instanties hun financiele verplichtingen nakomen en hun schulden netjes aflossen – zo nodig onder dwang. Handhaving van de betalingsmoraal is ook goed voor het vertrouwen in het handelsverkeer. Maar, en daarmee raken we aan een belangrijk punt: niet ten koste van alles. In een beschaafd land moet ook het bestaansminimum worden gegarandeerd. De schuldenaar heeft een bepaald minimum nodig, om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien. De beslagvrije voet dient als een bodem in de aflossingsverplichting: tot hier en niet verder. Ik acht het van belang dat die waarborg ook gehandhaafd wordt. Maar ik ben me ervan bewust dat dit – zeker in de dagelijkse uitvoeringspraktijk – een ingewikkelde materie is.

In dit geheel spelen de gerechtsdeurwaarders een belangrijke rol. Dit pre-advies zal ons ongetwijfeld verder helpen om de juiste balans te vinden. Ik ga het dan ook goed bestuderen, samen met mijn collega van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Dat zal enige tijd in beslag nemen, al was het maar vanwege de omvang… Daarna zullen de vervolgstappen aan de orde komen. Bij dat proces zal ik ook de KBvG weer betrekken.

Maar er is natuurlijk ook nog zoiets als de korte termijn. Nu al ben ik heel nieuwsgierig naar de aanbevelingen van een van uw andere commissies. Te weten, de commissie die zich bezig houdt met mogelijke verbeteringen in de communicatie met de schuldenaar over de beslagvrije voet. Dit naar aanleiding van het eerder genoemde rapport van de Nationale Ombudsman.

Dames en heren, ik kom tot een afronding. Maar eerst ik wil nog even iets zeggen over uw ledenraadvergadering van 19 juni jongstleden. Die dag is – na uitvoerig debat – uw nieuwe voorzitter, de heer Van de Donk, gekozen die op 1 november aanstaande de voorzittershamer van uw voorzitter John Wisseborn zal overnemen. Graag maak ik van deze gelegenheid gebruik om de heer Van de Donk te feliciteren met zijn verkiezing!

Tot slot – en dan nu echt…. John: hartelijk dank voor alles wat je voor de KBvG, maar zeker ook voor Veiligheid en Justitie, hebt betekend. Niet alleen in die bijna 6 jaar van je voorzitterschap, maar ook in de periode daarvoor. Want laten we niet vergeten: jij was al betrokken bij de totstandkoming van de Gerechtsdeurwaarderswet van 2001. Onder jouw deskundige leiding is veel tot stand gebracht. Zo is de KBvG uitgegroeid tot een organisatie, die er steeds beter in slaagt zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen. Je hebt de beroepsgroep een duidelijk gezicht gegeven in een tijd die daarom vraagt. Het advies Noblesse oblige blijkt goed geland in de beroepsgroep – en dat is voor een belangrijk deel jouw verdienste! Net als de concrete stappen die de KBvG heeft gezet in de richting van een maatschappelijk goed verankerde Publiekrechtelijke Beroeps- en bedrijfsorganisatie.

Natuurlijk, we zijn het niet altijd over alles eens – kijk bijvoorbeeld naar de discussie over de onafhankelijkheid. Toch hebben we de afgelopen jaren altijd goed weten samen te werken. Over en weer was er steeds begrip voor elkaars standpunten. lk hoop dat de KBvG, maar ook wij als departement, in de toekomst een beroep op je kunnen blijven doen.

Ik zie dat u allen staat te popelen om verder inhoudelijk met dit onderwerp aan de slag te gaan. En om daarna aan onderhoud en uitbreiding van uw netwerk te doen tijdens de afsluitende borrel. Ik wens u allen een mooie, succesvolle voortzetting van deze middag!

Bron